Onze natuur is in de war

Ergens in de buurt van Rotterdam zwemmen jonge fuutjes in een park. De koolmezen fluiten en de hazelaar loopt uit. Sneeuwklokjes schieten omhoog. Het is 25 januari 1916 en de gemiddelde temperatuur is deze maand ruim een graad hoger dan in januari 2018.
Ik was er niet bij. Toen. Dus ik heb de katjes en de kuikens niet gezien. Aannemelijk is het wel. Er was alleen geen RTV Rijnmond om er de aandacht op te vestigen. Geen bebaard groenmens van Staatsbosbeheer om het aan te wijzen. Die had wel iets beters te doen. Toen. Bos beheren bijvoorbeeld. En zandverstuivingen tegengaan.
Als er al ergens in december 1915 eieren van een of andere domme gans hebben gelegen dan zijn ze waarschijnlijk in de kerstnacht gebakken met spek. Men was blij dat het niet zo koud was. Scheelde een hoop gestook en nog meer enge ziektes. Tweehonderd kilometer verderop trakteerden soldaten elkaar op mosterdgas. Misschien waren ze daar liever doodgevroren.
Ruim honderd jaar later is de natuur plots van slag. Tenminste, volgens de lokale presentator. Of Vroege Vogels. En dat is vreemd. Je gaat er dan vanuit dat er een slag is. De natuur weet echter van niks. Is niet gedebrieft. Doet maar wat. Aan de leg, in de knop. Omdat het wel voorjaar lijkt. Kan goed misgaan als het straks weer flink gaat vriezen. Had Moedertje zich ook maar niet zo impulsief moeten gedragen.
Gelukkig zijn wij er om orde te scheppen. De status quo te handhaven. Homo statisticus. Binnen een paar eeuwen is het ons gelukt om alle bekende processen op de planeet onder te brengen in een Gauss Kromme. Met de wetenschap als consultatiebureau. Te koud, te vochtig, te heet, te droog. Steeds extremer wordt het allemaal. Schieten we ook meteen van in de stress. Paniek. Krijg je ervan als je denkt te kunnen bepalen wat normaal is. Terwijl we op een geologische tijdschaal nog erg nat zijn achter de oren. Ongelikte beren en onnozele schapen tegelijk.
De natuur is niet in de war. Onze natuur is in de war. Dus is het maar goed dat er niet teveel naar onze gebeden wordt geluisterd. Opdat we er geen invloed op uit kunnen oefenen. Kosmisch gezien. Wij blazen hooguit wat fijnstof in de atmosfeer maar daar hebben we vooral zelf last van. Ondertussen draait de aarde zijn wisselende rondjes en tolt wat om zijn as, flikkert de zon een beetje, dobberen de continenten, hoest er zo nu en dan een vulkaan, stromen de oceanen en is het meestal ijstijd. Geniet er weer van, zou ik zeggen, zolang het nog interglaciaal is.